Geschiedenis van de
Boterhuispolder
De
Boterhuispolder is de oudste ontginning in het Groene Hartgebied en zelfs een
van de oudste in Nederland. Een duik in de historie laat zien hoe boeren hier
in de loop der eeuwen met land en water hebben gewerkt.
Karolingische verkaveling: de eerste ontginningen
De
onregelmatige blokverkaveling in de Boterhuispolder is afwijkend en uniek in de
regio. Deze stamt nog uit de Karolingische tijd (742-814), toen boeren de
moerassige veengrond geschikt maakten voor de landbouw. Ze groeven
afwateringssloten rond kleine percelen en verbreedden bestaande kreken. ’s
Winters stond het veengebied onder water en in het voorjaar kwam het weer droog
te staan.
De naburige
Zwanburgerpolder is vanaf ongeveer het jaar 1000 door boeren in gebruik
genomen. Oorspronkelijk werden er kleine ‘oppertjes’ land bedijkt (10-100
are). Met eenvoudige middelen werd vanaf het voorjaar (rond april) het
waterpeil zo laag gehouden dat de koeien droge hoeven konden houden. Hierdoor
ontwaterde het veen en klonk het in, wat een bedijking noodzakelijk maakte.
Deze eenpersoonspoldertjes werden als reactie op de wateroverlast steeds
groter. In de 16e eeuw werden ze met elkaar verbonden. Vanaf 1560 zijn de
eerste windmolens geplaatst.
Boterhuispolder: sinds 1634
De
Boterhuispolder werd op 2 februari 1634 gesticht door een samenvoeging van elf
kleine polders met elk een eigen molen. Vanaf de samenvoeging werd de polder
bemalen door één windwatermolen die aan de Zijldijk moet hebben gestaan, op de
werf van het land waar ‘eertijts ‘t Butterhuijs plach te staen’. De boeren uit
de omgeving brachten hun produkten vermoedelijk sinds jaar en dag naar dit
boterhuis om ze te verhandelen. In de 17e eeuw groeide het boterhuis uit tot
een hofstede met een boomgaard, genaamd Tengnagel, die in bezit was van de
rijke Amsterdamse koopman Johannes Spiljeurs.
Het waterschap was verantwoordelijk voor de vervening, drooglegging en later
de waterhuishouding in de polders. In 1978 ging dit waterschap op in het
waterschap De Oude Veenen, die in 1989 weer werd samengevoegd met waterschap De
Veen- en Geestlanden, onderdeel van Hoogheemraadschap Rijnland. De polder wordt
tegenwoordig op vrijwillige basis bemaald door de Boterhuismolen. Sinds 1960 is
een elektrisch gemaal aan de noordoostzijde van de polder in gebruik, bij
boerderij Zeldenrust.In de Boterhuispolder hebben eeuwenlang relatief weinig veranderingen in verkaveling, beheer en afwatering plaatsgevonden. Het is een typisch Hollands, open veenweidegebied. Van oudsher staan de boerderijen in groepjes op de hogere perceeldelen langs krekenstelsels en polderranden. Het veenpakket is ongeveer 10 meter dik en bedekt met een kleine laag zeeklei van ongeveer een halve meter. Vroeger werd het gebied voornamelijk begraasd door blaarkoppen. Op onze boerderij Zijleinde was in elk geval vanaf de 16e eeuw een agrarisch bedrijf gevestigd.

Kagerplassen
Aan de
noordzijde van de Boterhuispolder liggen de Kagerplassen. Die ontstonden na een
overstroming in 1134. Daarbij kwam een groot deel tussen Leiden en Amsterdam
onder water te staan. Dit stelsel van veenplassen is een van de oudste
watersportgebieden van ons land. Ze worden omzoomd door een netwerk van kleine
rietsloten en vaarten en maken deel uit van het Hollands-Utrechts
veenweidegebied.

Jan Pietersz. Dou – kaart van de Kagerplassen uit 1617.
(Archiefbeschrijving: Kaart van zekere landen, gelegen onder Warmond en
Alkemade, toebehorende aan zekere vicarie, gefondeerd op St. Catrijnen altaar
te Warmond ten verzoeke van de toenmalige possesseur heer Pouwels de Jong,
griffier van Z. Exc.)
De Zijl: begin van het Hoogheemraadschap
De slechts
4,56 km lange rivier de Zijl verbindt de Kagerplassen met de Oude Rijn en heeft
een bijzonder lange historie. Een deel van de rivier bestond meer dan 1.000
jaar geleden al als getijdenkreek. Vanwege regelmatige wateroverlast besloot
men in de 12e eeuw deze kreek uit te graven om zo overtollig water af te voeren
naar de Kagerplassen. Een immense klus die werd uitgevoerd en onderhouden in
een regionaal samenwerkingsverband. Dit waterschap groeide later uit tot het
Hoogheemraadschap van Rijnland.
Door het
polderland slingerende kreken stonden via onder meer de Leede, Zijl en Zijp in
verbinding met de Kagerplassen. Boerderij Zijleinde ligt in de noordelijke
driehoek van de Boterhuispolder, tussen de Zijl en de Zijp (de verbinding naar
het Vennemeer).
Boerenbedrijven in de Boterhuispolder
In 1953
waren er veertig veehouderijen in de Gemeente Warmond, met een gemiddelde
perceelgrootte van 16 hectare, waarvan dertien met kaasmakerij. In 2012 zijn
hiervan nog slechts elf bedrijven in gebruik. In de Boterhuispolder waren in de
jaren zestig van de vorige eeuw zeker 15 boerenbedrijven gevestigd, in de jaren
negentig was dat al teruggelopen tot vijf. Op dit moment zijn in dit gebied nog
maar twee boerderijen over: kaasboerderij Van Schie aan de Zijldijk 7 en de
Lakenvelder Boerderij. Een aanzienlijk deel van de percelen in de
Boterhuispolder is inmiddels in eigendom of pacht bij boeren van buiten de
polder.
Dit artikel is afkomstig / overgenomen van onderstaande website. Voor meer informatie:
Geen opmerkingen:
Een reactie posten